Oberon droomt
"If a man speaks in the woods, and there’s no woman to hear him, is he still wrong?"
Eens per jaar roep ik in het bos
de vrouwen bijeen.
De weigeraars, het hondenmeisje,
de verloofdes voor een week.
Ik geef ze olie om op borsten te smeren,
nectar om uit oude wonden te likken,
mijn saters
en een maan om naar te huilen.
Ik leg mijn zware ezelshoofd
te rusten in een schoot
en laat me strelen
terwijl ik naar de sterren kijk.
Tot de vrouwen moe en huiverend
verzamelen voor mijn troon.
en buigen
als ze een voor een mijn kloten kussen.
